Examenfoto
Publiceren, het heeft een magisch trekje.
Ik herinner me nog mijn allereerste foto in de krant. Op zo’n moment gebeurt er iets wat je niet in de hand hebt. De foto bereikt duizenden ogen. Valt hij op? Of net niet? Legt iemand de link met de fotograaf?
De magie van het publiceren went. Na enige tijd kan je dat zelfs aardig relativeren. Het blijft vluchtig, toevallig, slechts een ogen-blik van belang. En toch.
Vorige zaterdag bladerde ik in de krant. Zag ik daar een foto die me vertrouwd voorkwam. Niet moeilijk dat er enige herkenning optrad, want vorige maand heb ik die foto nog gequoteerd. Punten aan toegekend vanwege een examenfoto.
Ik geef dolgraag les aan mensen die starten in de fotografie. Niks mooier dan de beeldwereld te openen. Met zo’n beginnende groep gaan we eerst door het diepe dal. We verlaten de automatische en halfautomatische lichtmetingen en leren kijken, inschatten en de knopjes en wieletjes van de camera begrijpen en hanteren. Tot we bewust kunnen lichtmeten en de belichting instellen. Geen techniek om de techniek, maar om de bewustere foto.
Als ik dan, na zowat twintig lessen, de foto’s zie liggen, verspreid over de tafels van een leslokaal, dan kan ik blij én ontroerd zijn. Want alle foto’s zijn manueel belicht. Iedereen werkt zorgzaam, nauwlettend oordelend wat wel en niet in beeld komt. En elke foto is een poging om bijzonder te zijn, om te raken.
Daar lag ook de foto van Katrijn. En die foto zag ik terug in de krant van zaterdag.

Ik kan me zo ongeveer inbeelden welk gevoel er in Katrijn omging. Huppelend door de dag. En ‘heb je vandaag de krant gezien?’
Het is voldoende om voor goed door de fotomicrobe gebeten te zijn.
Eigenlijk zou ik het vaker moeten doen: berichten over cursisten die schitteren.
Oedoededa?
Wie lesgeeft, komt in contact met tal van versies van onze taal.
Een keertje werd voor mijn neus ‘de sluiter’ quasi simultaan vertaald in ‘a… de sluutre’.
Op zich niet erg dat er wat couleur locale doorklinkt in de fotografie. Tenslotte blijft de beeldtaal de meest internationale taal. Zonder taalbarrières, met minimale cultuurdrempels.
Bovendien vind ik alles minder erg dan het fonetisch sms-taaltje dat ook volop in mails doordringt. Van ‘oeist’, over ‘waseide’ en ‘oedoededa’. Vraagtekens zijn uiteraard al lang afgeschaft.
Op donderdagavond ben ik met mijn cursisten bezig met Objectfotografie. We duikelen dan in de donkere studio, bouwen er op een tafel ons mini-studiootje, zeulen met lichtstatieven en flitstoortsen en storten er het licht over de voorwerpen die we in beeld willen brengen. We discussiëren over kleurentemperaturen, de hardheid van het licht en de dikte van de reflectielijntjes in het glas.
Toen ik laatst een fotootje uit zo’n les liet zien, vroeg iemand kort maar krachtig ‘oedoededa?’
Om welk voorwerp ging het dan wel? We hadden een tandenborstel met een transparant steeltje voor de camera gezet en zouden die fotograferen. Liefst met een beetje kleur. Dit was onze allereerste opname:

Hoe krijg je nu kleur in dat wittransparante steeltje?
Vrij eenvoudig. Vlak achter onze tandenborstel werd de énige lichtbron opgesteld: een flitstoorts met een grote softbox ervoor.
Tegen het zeil van die softbox kleefden we een zwart kartonnetje, ietsje groter dan wat onze beeldhoek dekt. Ik schat dat het kartonnetje 15 x 15 cm was.
Naast het karton, onder, boven en opzij, kleefden we doorzichtige, transparante, gekleurde stroken. Mooi tegen het zeil van de softbox aan.
En ziehier het resultaat:

Platform01
In het Fotomuseum in Antwerpen is momenteel (tot 16 mei 2010) het Congo-werk van Carl De Keyzer te zien. Het gaat om twee ontzettend sterke tentoonstellingen.
Voor de eerste, Congo (belge), is Carl acht keer naar de ex-kolonie getrokken. Hij werkte er in moelijke omstandigheden, moest voor het eerst betalen om vergunningen te krijgen om te fotograferen. Hij fotografeerde de mensen als een journalist die kijkt en probeert te begrijpen. Het is het relaas van het land zoals wij het weinig te zien krijgen. Teksten bij de foto’s zijn van de hand van David Van Reybrouck.
In ‘Congo belge en images’ doken Carl De Keyzer en historicus Johan Lagae in de beeldarchieven van het museum in Tervuren. Indrukwekkende, vaak nooit geziene beelden komen daaruit te voorschijn. Carl heeft ze bewerkt - vier tot acht uur per foto - en zette de beelden naar zijn hand.
In het Fotomuseum is ook werk te zien van Jean-Pierre Stoop. Eerder harde portretten die op de cover prijkten van het kunsttijdschrift H<ART>.
En op de eerste verdieping (die Platform01 heet) houdt het Fotografiecircuit Vlaanderen een tweede terugblik, nu op de periode 2006-2009. De motor van dit Fotografiecircuit is Jan Van Broeckhoven. Hij doet dit werk al 35 jaar. Niet betoelaagd. Het Fotografiecircuit is permanent on tour: de foto’s van de geselecteerden verhuizen maandelijks van het ene cultureel centrum naar het andere.
Leuk om vernemen was dat ook Carl De Keyzer destijds geselecteerd werd voor het circuit. Zoals voor zovelen begon op die manier zijn tocht door Vlaanderen.

Mijn foto’s zaten in het Fotografiecircuit van 2007 tot 2009. Een paar (waaronder de foto hierboven) zijn nu te zien op de tentoonstelling van het Circuit, die nog tot 14 februari 2010 loopt.
De rode stoel
Posted by Alex in Geen rubriek on januari 24th, 2010
De school waar ik ‘meer mens’ (humanior) werd, heeft een mooi gebruik: ze laat enkele keren per jaar van zich horen middels een fraai tijdschriftje.
In elk nummer wordt een oud-leerling opgezocht. Merkwaardige vaststelling: wat in de humaniora amper verschillende mensen leken, zijn nu de bonte verscheidenheid zelf.
Bij wijze van rode draad neemt de redacteur een rode stoel mee. De rode stoel komt telkens mee in beeld, gelinkt aan een interesse of bezigheid van de bezochte oud-leerling.
Een kinesist omzwachtelde de stoel. Bij mij werd hij een fotografisch object: onscherp, gereflecteerd, een tweede plan bij een foto die maar deels is te zien.
Een rode stoel als file rouge. Mooi idee.

Beetje teveel
Posted by Alex in Geen rubriek on januari 24th, 2010
Het was enkele maanden stil hier.
Toevallig? Niet echt. Zonder contacten met andere mensen grijp ik onmiddellijk naar de noodrem. De voorbije tijd ging de slinger een beetje de andere kant uit. Tientallen cursisten en collega’s, massa’s toffe mensen. En dan voelt het even minder nodig ook virtuele communicatie te onderhouden. Eens de rol gelost, krijg je de wind in het gezicht, weet elke baanrenner.
Maar kijk, al vroeg na de winter ontwaakt deze jongen uit zijn ’slaapje’.
Jozefien en Elise
Zo gaat dat. Met een hele groep samen in de humaniora, en dan gaat elk zijn weg. Heel af en toe blijft er een vriendschap overeind. De ene studeert in Gent, de andere binnenkort in Parma. Maar het blijft leuk elkaar weer te zien.
Hoe vat je zoiets in beelden?






Mira
Mira, ik leerde er destijds over in de Itinera. Mira betekent ‘wondermooi’ en de staartster met die naam wordt dan ook als ‘de wonderbaarlijke’ omschreven.
Destijds trokken mijn ouders met mij, mijn broer en zus naar ‘de fotograaf’, toen we respectievelijk iets meer dan een jaar oud waren. Zowat de leeftijd van Mira nu.
Foto’s op die leeftijd worden al heel snel herinneringen. Mira kwam op zaterdag naar de studio. Pas van donderdag zette ze haar eerste stapjes alleen. Vier nog wel. In de studio dreef ze haar aantal op tot zeven. Sinds maandag stapt ze echt alleen. “Die foto, toen kon je net je eerste stapjes zetten…”

De verleiding is groot om bij kinderportretjes op zoek te gaan naar expressie op het gelaat. Daar is niks op tegen. Soms brengt het echter de beeldcompositie in verdrukking.
Gelukkig is er dan de training uit de fotoschool. “Goeie driehoek in dat beeld”, zou de compositieleraar hebben gezegd.
Nachten
Posted by Alex in architectuur on juli 29th, 2009
Het viel me op, gisteren nog, hoe vroeger het al donker wordt. De zonnewende is inderdaad al een maand voorbij.
Licht van binnen, licht van buiten, de balans verschuift dagelijks. Vanaf september wil ik er me met een tiental mensen in verdiepen. Elke zaterdagvoormiddag. Als het aanzwellende licht het profiel van de gebouwen tekent…

Deze foto nam ik op midzomernacht.
Zomerworkshop ’studioportret’
Het buitenlicht mag dan al overvloedig zijn in dit seizoen, toch trek ik ook in de zomer met enkele mensen de duisternis in. Een studio is in essentie een donkere ruimte waarin de fotograaf alle licht zelf creëert.
Omgaan met licht, omgaan met flitstoortsen, juiste settings maken met de studioflitsers, creativiteit brengen in studioportretten, een studio kunnen ‘besturen’… het zijn de items uit de workshop die ik eerder al bracht en nu herhaal op donderdag 13 augustus (19.30 tot 22 uur). De workshop bestaat uit twee delen: de net vermelde workshop en een individuele, begeleide fotoshoot op vrijdag 14 of zaterdag 15 augustus.
Stuur een mailtje (SKaaL@telenet.be) voor verdere details en info.
Het wordt weer mooi!

Terug!
De ogen even laten rusten maar nu in alle helderheid terug.
Gesprokkeld in de voorbije, stille tijd: een herinnering aan het première-optreden van dochter Johanna & friends. Een eerste keer voor publiek, daar horen foto’s bij, vond ze. En gelijk heeft ze; want bestaat er een schonere taak voor de fotografie dan de herinnering vast te leggen?




Die luchten
Rotweer. Al onze fototochten in de buitenlucht vallen in het water. Soms, als we dan toch riskeren met de camera buiten te komen, levert het wel mooie luchten op. Zoals hier, aan de kreken. Mooi is het daar!

Zwanger
Negen maanden en dan is er enkel de herinnering. En eventueel wat foto’s.
Een zwangere fotograferen is telkens een fotografische uitdaging. Elke fotoshoot is dat wel, maar een zwangerschapsshoot is altijd een beetje bijzonder. Het gaat eens niet om de expressie in het gelaat, wel om het lichaam, het buikje.
Een zwangerschapsshoot kan je natuurlijk op vele manieren benaderen. De vader erbij; broertje of zusje van de op komst zijnde baby erbij… Of de zwangere alleen, puur de lijfelijke herinnering.
De zwangere rondingen vragen om als silhouet te worden afgebeeld. Ik vind het wel eens mooi op zo’n moment een kleurenfoto kleurloos te maken. Nee, de foto werd niet omgezet naar zwartwit. Hij bestaat enkel uit het witte licht op de achtergrond en het donkere silhouet.

Of met een heel klein beetje kleur. Niet eens de huidtinten. Enkel wat kleurreflectie.


Automatisch
Waarom alles zo moeilijk maken als het ook vanzelf kan? Vaak moet ik cursisten overtuigen om de automatische lichtmeting van hun camera niet te vertrouwen.
Vorige week maakte ik een reeksje ‘didactisch materiaal’. Allemaal foto’s die de mist zouden ingaan als ik de intenties van de lichtmeter had gevolgd. Eén voorbeeldje daaruit: tegenlichtfoto’s.





